JANUARINIEUWS  2021 
     
             

 

 





LOCOMOTION...   


In onze tienertijd waaiden vanuit Amerika steeds de nieuwste dansen over die we op dansles niet hadden geleerd. We herinneren ons o.a, nog de Twist, de Bostella en de Locomotion.
Mini vond in haar platenverzameling het hitje dat  bij die laatste dans hoorde.

De bewegingen die er bij hoorden lagen bij die dans voor de hand…..
De Locomotion was gewoon treintje spelen….


Lees, dans en zing het nog eens mee bij;    
"NOSTALGIE"


 

 





OPTOCHT...


Af en toe kan je zomaar weer iet te binnen schieten uit je vroege kindertijd.

Hoewel met de afgelopen feestdagen alles anders was dan voorafgaande jaren en voor de jaarwisseling zelfs een vuurwerkverbod
was ingesteld, werd normaal gesproken in andere jaren voor een recordbedrag de lucht in geknald. Tel de som er dan nog bij wat we met Sint en Piet hadden uitgegeven en dan kwam ook de Kerstman nog langs. En al dat heerlijke eten met kerst en oud en nieuw er dan ook nog bij gerekend, hoewel  het afgelopen jaar alles anders was in verband met de coronamaatregelen.
Toch heeft dat alles bij elkaar  nog
best een flinke rib uit je lijf gekost.
Zo’n 65 jaar terug was dat ook wel zo, hoewel het niet te vergelijken is met het heden, de financiële omstandigheden waren toen heel anders. Maar onze ouders waren toentertijd evengoed een kapitaal kwijt in de dure decembermaand.
Mini herinnert zich dat haar vader op een nieuwjaarsdag tegen zijn dochters zei; “Goat jullie vanmiddag met de stad in om in de optocht te loop’n?” “Optocht? Wat is dat dan voor optocht vader?” was de wedervraag.
Dan zei vader steevast; “De optocht met de leuge pottemenees”.

Mini heeft geprobeerd iets in een klein rijmpje te verwoorden…


 






OPTOCHT IN DE STAD


Op nieuwjaarsdag gingen we meestal naar de stad.

De feestdagen hadden we wel weer gehad,
met gebraad van kalkoen, konijn of ander wild,
en ook de keukenmeiden waren weer uitgegild.


In de straat viel dus niet veel meer te beleven,
We hadden ons geld al driedubbel uitgegeven.
Vader zei, "Trek straks je jas aan en loop mee,
in de optocht van de 'Leuge Portemonnee”..


De beste wensen nog en voor allen wel en wee,
het afgelopen jaar viel eigenlijk zo vaak niet mee.
Thans ligt een heel nieuw jaar weer voor ons open,
en gezondheid en geluk waar we allen stil op hopen
maar dat we met geen geld ter wereld kunnen kopen…


Wanneer gaan
in de stad de winkels eindelijk weer open??












 

 





 EEN OUDE SAGE...  


Gerrit vertelt een van zijn griezelverhalen uit onze buurt.....


 


 

 

 

 

BRUGGERSTÈGGE

 

 




.
 

 




\
BRUGGERTS STÈGGE  


Ongeveer op de hoek waar nu de Cornelis Troostlaan op de Bruggertstraat uitkomt lag, voordat het plaats moest maken voor de stadsuitbreiding het eeuwenoude erve Bruggert. De volgende wonderbaarlijke doch trieste gebeurtenis moet zich, volgens Cato Elderink die er een lang gedicht aan wijdde, hier zo’n driehonderd jaren geleden hebben afgespeeld. Het was op een decemberdag laat in de herfst, al vroeg donker, maar vreemd genoeg veel te warm voor de tijd van het jaar, slierten mist kropen over de heide en kale akkers van de Usseleres. Bij de haard van het oude erve zat besvaer (opa) een pijpje te roken toen zijn kleinzoon in zijn beste kistentuug(zondagse pak) wat bedrukt bij hem kwam staan. De oude man verbaasde zich erover dat hij er zo netjes uitzag en vroeg waar hij zo laat nog naar toe moest….. Het was geen weer om nog op pad te gaan want na zo’n warme herfstdag volgde meestal een onheilspellende avond en nacht waar vreemde zaken konden plaatsvinden waar je als gewone sterveling maar beter niet bij wilde zijn. “Stop je maar liever een pijpje en kom bij me zitten, de koffie kookt en de boterhammen zijn klaar.” Maar de jongen antwoordde dat hij naar de scholtenboer moest om een brulftenneugerslied te leren want hij was met nog een jongen uit de noaberschap aangewezen om familie, vrienden en noabers uit te nodigen voor de bruiloft van Jenneken, de mooie dochter van de scholtenboer. Nu was dat normaal gesproken een grote eer en een taak die door de jongens met plezier werd uitgevoerd want overal waar ze kwamen viel er wel wat eten of was er wel wat onder de kurk als beloning voor hun gezongen uitnodiging op rijm. De jongen was echter zelf smoorverliefd op Jenneken maar ze had tot zijn grote verdriet een ander gekozen en daarom zag hij er tegenop. Maar de scholtenboer kon je niet weigeren, hij was de hoofdboer en aangewezen vertegenwoordiger van de adellijke eigenaar van de boerderijen en het land… Zijn opa begreep wat hij voelde, maar probeerde hem toch die avond thuis te houden want het is op zo’n avond buiten niet pluis… Hij vertelde dat hijzelf zo’n vijftig jaar geleden met de toenmalige scholtenboer op jacht was geweest op net zo’n warme herfstdag als vandaag. Ze waren in de tweeduuster op de terugweg toen net voorbij het vlierbos op de Usseleres de jachthonden begonnen te janken en wegkropen onder een braambos en er niet meer onderweg te krijgen waren. Plotseling hoorden ze denderende hoeven van wat wel een grote groep ruiters moest zijn in vol galop met daarbij indringend hoorngeschal en het angstaanjagende gehuil van honden. Ze wierpen zich plat in een greppel met de handen voor de oren en even later daverde het boven hen door de lucht. Het was de wilde jacht van Wodan met zijn dodenleger… En opa waarschuwt volgens de dichteres;
 


“Hef et lang, heft ’t kot edoerd, wel weet ‘t”?

Bèwwend komt wi’j in hoes, ’t is eindlik vuurbi’j

Noa ‘nen waarmen hèrfstdag as ’t doonker vaalt;

Goa nig van ’n heerd, jong, dat leere van mi’j.”



De jongen had met een half oor naar zijn grootvader geluisterd, maar wilde zich niet laten kennen en ging toch op pad. Hij kwam veilig aan bij de scholtenboer, leerde zijn versje, dronk een borreltje, praatte nog wat na met z’n maat en ging terug naar het Bruggert. Het liep al tegen twaalven toen hij de Bruggerts stègge ( Bruggertssteeg nu Bruggertstraat) bereikte. Dat was toen nog een smal zandpad met aan weerszijden elzenbosjes waarachter de weidse heide van het Stadsveld zich uitstrekte. Verteerd door liefdesverdriet slofte hij langs het pad. Plotseling hoorde hij een geluid, het was net of er iemand met hem meeliep aan de andere kant van de elzenbosjes. Hij versnelde zijn pas en probeerde door de bosjes te zien wie hem volgde. Hoewel de maan scheen, zag hij slechts een schim. Angstig riep hij; “Wel bin i’j en wat moi van mi’j?”... .….. Antwoord kreeg hij niet en hij zette het in paniek op een rennen tot bij de plek waar het elzenbos ophield en hij in de heide tot zijn ontsteltenis een kalf ontdekte dat zonder kop en nek naast hem voort draafde… Hij slaakte een i
jselijke gil van angst en bleef als aan de grond genageld staan terwijl het spookkalf onder luid glasgerinkel als dat van een gebroken ruit uiteen viel. Lijkbleek en geheel over de toeren kwam hij thuis….. Hij is nooit meer de oude geworden en leidde verder in krankzinnigheid een kwijnend en terug getrokken bestaan..


De jong koomp in hoes as de waand zo wit.

He heft gin gezoond uur seent meer éhad

Wat leu zegt, umdat hee ’n spook hef zeen,

en wat dat em ´t haerte um Jenneken brak.



Het kan ook een combinatie van beide zijn geweest.



Dat het ´s avonds laat nog niet pluis is aan de Bruggertsteeg, stelde Mini tot haar grote schrik vast toen ze de foto van de steeg die ik haar had gevraagd bij dit stukje te maken, afdrukte. Tijdens het fotograferen had ze niets gezien of gehoord…..  Er is meer tussen hemel en aarde…..

 

 
 

 






 

 




 

 

 

 

 

 






MAGGI VOOR IN DE SOEP


Het merk Maggi werd in 1872 opgericht door de Zwitser Julius Maggi. Hij maakte soepen in poedervorm om aan te lengen en bracht in 1886 het Maggi-aroma in het bekende bruine flesje met lange hals op de markt. Het werd zo populair dat het lavaskruid dat dezelfde geur heeft, maar niet in het aroma wordt gebruikt, Maggikruid is gaan heten. In 1908 werd het bouillonblokje aan het assortiment toegevoegd dat we tot op de dag van vandaag Maggiblokje noemen.
Maggi werd in 1947 overgenomen door Nestlé maar de inmiddels wereldbekende merknaam bleef gehandhaafd.
 


                              
 



 

 





BOLLE PERIODE


Iedere kunstenaar kent zijn speciale periodes, een korte of langere tijd waarin hij een kleur of een vorm in zijn werk centraal stelt. Zo kende Picasso bijvoorbeeld zijn blauwe periode waarbij al zijn schilderijen blauw de boventoon voerde…
We weten dat onze Hans naast schilderen en etsen ook het creëren van keramiek beheerst.
Zijn gemengd koor ligt ons nog vers in het geheugen. Die periode ligt achter hem.
Thans heeft hij de bolle vormen omarmd waarvan we hier enkele fraaie voorbeelden zien. Vooral de komische fantasievogel die hij Bollikaantje doopte, maakt indruk.
Helaas staat het bakken wegens de lockdown op een laag pitje want het Lossers Kunstcollectief waar zich de oven bevindt is voorlopig tot 19 januari of nog langer gesloten.


Of Hans, om toch zijn creativiteit kwijt te kunnen thuis oliebollen heeft gebakken, is ons niet bekend



           

           
 
            


 














 

 






BORDEN in de stad...


Mini stuitte in de stad op de  nodige aan en verwijzingen. Je moet er maar uit zien te komen..



 



      

 






      

 






      



 






 
ENSCHEDE   FIETSSTAD      


De stad ligt plat op haar gat
kom er verdomd niet meer uit
‘k Raak compleet van trabbat
’t loopt geheid de spuigaten uit


De tocht naar de stad valt niet mee
of 'k nou naar de markt moet of naar 't MST
Die borden, zij doemen op uit het niets
Het lijkt of ik gladweg de hordeloop fiets


Waar ik ook kijk en hoe hard ik ook roep
'k zie nergens een bordje tomatensoep….



       
 


  
   

  





 

























 

 







STEVENFENNE   (waar komt die naam vandaan?)


De geschiedenis van onze school gaat terug tot het jaar 1929. Toen besloot de gemeenteraad van Lonneker in verband met de uitbreiding van de wijk Stevenfenne tot de bouw van een openbare lagere school aan de Boekweitstraat die in 1931 gereed kwam, op 18 augustus van dat jaar feestelijk in gebruik werd genomen en de naam school CIII kreeg. De totale bouwkosten bedroegen 38.000 gulden.Toen de gemeenten Lonneker en Enschede in 1934 samengevoegd werden, ging de school over naar de gemeente Enschede. In 1940 werd de naam veranderd in Stevenfenneschool…
Tot 1974 bleef het een openbare lagere school daarna kreeg het gebouw dat tot gemeentelijk monument werd gepromoveerd, diverse andere functies, nu voor ouderenzorg.
Ons heeft altijd de oorsprong van de naam Stevenfenne geboeid. Hierover zijn diverse theorieën geopperd; zoals een ven of een verbastering van stearnven( sterrenveen).
Tijdens de bevrijdingsoptocht op 5 mei 1955 waarin ook wij, al dan niet verkleed als boer, meeliepen, beeldde onze school de landbouw uit. Zaaiers, maaiers, dorsers en bakkers werden door de verschillende klassen aan het toegestroomde publiek voorgeschoteld. Wij waren vierde klas dorsers…
Maar helemaal voorop liepen een jongen en een meisje uit de zesde klas in boeren klederdracht. De jongen droeg een bordje met de naam Steven en het meisje met de naam Fenne. Dat was leuk gevonden maar was volgens lieden die er voor doorgeleerd hadden, historisch niet verantwoord……
Maar achteraf blijkt het zo gek nog niet…. Gerrit stuitte bij het doorspitten van oude archieven ( om de coronadagen niet in ledigheid te slijten) op een boerderijtje dat Stevenboer of Steven Fenne heette en stond waar nu de Stevenfennestraat loopt.
In de lijst van bewoners komt voor ene Jan Stevens ook wel Ypekemeule genaamd. Hij was een zogenaamde Kotter of Wonner. Dat wil zeggen dat hij een kleine boerderij runde die toehoorde aan het grote erve Ypkemeule dat aan de andere kant van de Haaksbergerweg lagen tussen de huidige Helenastraat en de Ypekemeulestraat, waartoe ook een watermolen hoorde en waaraan de naam Ypkemeule werd ontleend.
De vader van deze Jan Stevens heette Steven Ypkemeule… Men droeg toen er nog geen burgerlijke stand was vaak als achternaam de naam van de boerderij waar men woonde of werkte.
Onze Jan was dus in de volksmond Jan Stevenszoon Ypkemeule dat later  vereenvoudigde tot Jan Stevens.Jan hertrouwde nadat zijn eerste vrouw was overleden rond 1730 met Fenneken Eelkink ook wel IJpkemeule. Ook zij droeg dus als tweede naam IJpkemeule maar was geen familie van Jan.
Na het overlijden van Jan beheerde Fenneke ( inmiddels Fenne) de boerderij met haar kinderen en werd door de noabers Stevens Fenne genoemd dat verbasterde tot Stevenfenne….
De boerderij werd in 1913 in de verkoop gedaan. In 1924 vertrekt de laatste bewoonster de weduwe Wooldrik en wordt het pand afgebroken om plaats te maken voor nieuwbouw van een wijk door woningbouwvereniging “Vooruit” beheerd en die net als onze school naar de boerderij Stefenfenne werd vernoemd.
De jongen en het meisje in klederdracht uit de zesde klas benaderden dus veel meer de waarheid dan alle andere theorieën….
De afgebeelde fraaie tekening van de school werd uiteraard gemaakt door onze Hans…..
Op de foto de in 1930 in aanbouw zijnde school…

 
 
















 

 






BINNENLANDSE GRENZEN











 

 





HET RUWENBOS ....           boerderij of bos??



 

 

 

 

HET RUWENBOS

 

 



Boerderij van ten Thije - later van de fam. Jasink -
op de hoek van de Helmerzijdeweg en de Broekheurnerrondweg...

 

 





Mij is, ook via Oud Enschede, al enkele keren gevraagd waar de naam Ruwenbos voor de wijk tussen Boswinkel, Helmerhoek en Stadsveld aan is ontleend. Ik vroeg het mezelf ook af want hoewel ik er ben opgegroeid toen het nog boerenland was, heb ik die naam nooit gehoord.
Ook het Enschedese straatnamenboekje vermeldt slechts dat de naam en ook de andere namen die op bos eindigen, zijn genoemd naar bossen in Twente en Salland…
Dus driftig op zoek naar de oorsprong.
Het was vroeger ons avonturenland, we zochten er kievitseieren, struinden door en bouwden hutten in het Roerinksbos en legden dammen in de beek terwijl het op de route lag naar de oude wielerbaan en de voetbalvelden van de Den op de Helmer waar we ook ons vertier zochten.
De boerderijen en weilanden van toen hebben plaatsgemaakt voor woningen waar ook Mini een aardig stulpje heeft gevonden. Gelukkig heeft men veel van de oude eiken en beuken laten staan en ook de beek, compleet met sluisje, kabbelt er nog….
Mijn speurtocht leverde toch wat op….
Het vroegere Ruwenbosch moet iets verderop richting Helmerhoek hebben gelegen.
Op de hoek van de Helmerzijdeweg en de Broekheurnerrondweg, die wij vroeger Witte weg noemden vanwege de lichte kleur van het grint, lag een boerderij (foto) waar eerst boer ten Thije en later de familie Jasink woonde. We kenden ze omdat we er langs kwamen op weg naar de Helmer.
In het boerderijenboek van de SHSEL las ik tot mijn grote verbazing dat deze boerderij geregistreerd stond als Ruwenbos of Rombos…… Nooit geweten.
Ik kan er helaas niet meer naar toe voor navraag want de boerderij is in 1988 afgebroken. Ze moest wijken voor de aanleg van de Rijksweg 35, de brug en het fietstunneltje naar de Oude Dijk…
Maar was het bos nu genoemd naar die boerderij of de boerderij naar het bos? We weten het niet.
Hoe oud het erve was, is niet precies bekend maar de naam Ruwenbosch bestond al ver voor 1850

            

Dat bevestigt een krantenbericht van 2 juli uit dat jaar waar sprake is van een afschuwelijke en wrede moord in het Ruwenbosch op ene Gerrit Bult die niet alleen van zijn leven maar ook van de opbrengst van boterverkoop op de markt van Enschede werd beroofd….. Ik druk een afschrift van het oude krantenartikel hierbij af zodat jullie zelf van de gruwelijke details in de oude spelling kennis kunnen nemen…. 
Frappant detail is dat de naam Bult ook bij ons bekend was.. Aan de overkant van de Haaksbergerstraat waar nu de van Ostadestraat loopt lag vroeger de boerderij van de door ons zeer gevreesde boertje Bult. Maar dat is weer een ander verhaal…

We weten nu dus via een roofmoord en een gesloopte boerderij dat de naam Ruwenbos tot onze vreugde stamt uit de buurt van het wadiwijkje en niet ergens uit Twente of Salland.
Een hele geruststelling


                                    
                               
  Het
Ruwenbos is een van de eerste wijken in Nederland waar met wadi’s is gewerkt....

 

 

 

 

 

 RAADPLAAT
 
 
Om dit gebouwtje, vroeger ingericht voor jonge boertjes en boerinnetjes te vinden, moeten we voorbij de Hazenoren richting INTRATUIN om grote bosbessen te kopen…


Als er een lichtje gaat branden stuur je antwoord in via.......

 info@stefenfen.nl

 

 
Maar via de gewone mail mag natuurlijk ook!

 









 

 

 

TOP

HOMEPAGE